Rekenendoen   Klas 1 ***

  Start hieronder met het vak rekenen.
  De website bestaat uit verschillende youtube 
  instructievideo's, extra uitleg en quizzen. 
  - Studiewijzer

  HOME
  Blok 1
  Blok 2
  Blok 3
  Blok 4




 






 1. Optellen

   Basil rijdt met de auto van Groningen naar Arnhem.
   Kilometerstand bij vertrek 5 395 km, de afstand is 172  kilometer.
   Welke kilometerstand staat er nu op de teller?

 
 
     trefwoorden: splitsen, kolomsgewijs, cijferen, schatten.








 2. Minsommen

   Koop nu met korting!
   De sportauto is in de aanbieding, van 15 495 euro nu  voor 9 995
   euro. Hoeveel euro korting krijg je met deze aanbieding?
 

 
trefwoorden: splitsen, kolomsgewijs, cijferen, schatten.








 3. Vermenigvuldigen

  Leo verdient 565 euro per maand.
  Hoeveel verdient Leo in zes maanden?

 

    
 
trefwoorden: splitsen, kolomsgewijs, cijferen, schatten.








 4. Delen

   De mensen van het verzorgingstehuis gaan een dagje uit.
   Ze gaan met de bus. In 1 bus kunnen 48 mensen.
   In totaal gaan 840 mensen mee.

 

 
trefwoorden: splitsen, kolomsgewijs, cijferen, schatten.








 5. Hoofdrekenen.

  De computer van Bianca is kapot. De reparatieservice van
  de winkel  repareert de  computer. Het uurloon is 35 euro.
  De monteur heeft er 90 minuten  aan gewerkt.
  Hoeveel euro kost de reparatie?
 

 
 trefwoorden: handig rekenen, groepentechnologie.








 6. Waarde cijfers.

  De makelaar heeft een huis te koop.
  Hoe zeg je de prijs van het huis in woorden?
   

 trefwoorden: eenheden, tientallen, honderdtallen, duizendtallen.





 
 







 7. Decimale getallen.

  De timmerman meet de maat van het kozijn met een rolmaat.
  De hoogte van het kozijn is 210 cm. Hoeveel meter is dat?

   

 
trefwoorden: kommagetal, decimaal, 0 achter de komma








 8. Geld.

  Marleen heeft een eigen spaarrekening. Op de bankrekening krijgt
  ze elke week haar zakgeld, dat is 4,35 euro.
  Hoeveel geld spaart marleen in een half jaar?.

 

 trefwoorden: vermenigvuldigden met geld manier 1, manier 2








 9. verhoudingstabel.

  Anne koopt 5 kiwi's. Op het reclamebord staat:
  "25 kiwi's voor 4 euro. Hoeveel moet Anne betalen voor 5 kiwi's?

 trefwoorden: verhoudingstabel, kiwi








 10. Rekenvolgorde.

  Stijn koopt 6 flessen frisdrank. Een fles kost 1,25.
  Het statiegeld is 0,50 per fles. Op welke manier kan je het
  eenvoudig uitrekenen?
 
   
  
trefwoorden: eerst tussen haakjes, vermenigvuldigen delen, plus en min.








 11. Breuken.

  Een feesttaart kost 16. De verkoopster deelt de taart in 8 stukken.
  Lanka koopt 3 stukken. Welk deel van de taart is voor Lanka?

       


   trefwoorden: breuken visueel, welk deel is geel gekleurd?, oefenen, rekentoets








 12. Breuken.

  Een breuk bestaat uit een teller en een noemer.
  Om een ongelijknamige breuk op te tellen moet je ze eerst
  gelijknamig maken.

       

   trefwoorden: wat is een breuk, breuk vermenigvuldigen.





 







 13. handig rekenen.

  Hugo krijgt de komende week een extraatje voor zijn hulp.
  Eerst krijgt hij 7 euro daarna 16 euro en tenslotte 24 euro.
  Hoe kan je het totale bedrag eenvoudig uitrekenen?


 
 
trefwoorden: handig optellen tot 100.









 14. Vermenigvuldigen en delen.

  De plaatselijke voetbalclub verkoopt loten voor het goede doel.
  In totaal worden er 1000 loten verkocht, elk lot kost 2,50 euro.
  Hoeveel brengt de verkoop van de loten op?

       

 trefwoorden: kommagetal vermenigvuldigen en delen, komma verplaatsen.








 15. Schatten en vermenigvuldigen

  Floris doet samen met zijn moeder boodschappen bij de
  groenteboer. Moeder vraagt: "Kan jij schatten hoeveel geld ik
  ongeveer moet pinnen"?

       

  trefwoorden: kommagetal vermenigvuldigen en delen, komma verplaatsen.








 16. Negatieve getallen.

   Op een thermometer kan je de temperatuur aflezen.
   In de winter komt de temperatuur wel eens onder nul.
   Getallen onder de nul noemen we negatieve getallen.

       

  trefwoorden: positieve/negatieve getallen,  negatieve getal plus en min.








 17. Procenten.

  De plaatselijke bioscoop heeft 350 zitplaatsen.
  Op een woensdagavond is 60% van de zitplaatsen bezet.
  Hoeveel zitplaatsen zijn er nog vrij.

       



   
  trefwoorden: kommagetal vermenigvuldigen en delen, komma verplaatsen.








 18 Decimale getallen

  Lise laat haar scooter repareren. In de werkplaats hebben ze er
  2,5 uur aan gewerkt. Het uurloon van de monteur is
42,50.
  Hoeveel euro moet Lise betalen?

     

  trefwoorden: kommagetal optellen,  manier twee, kommagetal aftrekken






 







 19 Eenheden van lengte

  De vader van Jan rijdt naar zijn werk. Als hij vertrekt staat de
  kilometerteller op 24 523 km. Wanneer hij weer thuis komt
  staat de teller op 24 621 km.  Hoeveel kilometer heeft hij
  gereden?

      

   trefwoorden: lengte eenheid, onder elkaar optellen








 20  Eenheden van oppervlakte

  Piet gaat zijn studeerkamer behangen. De afmetingen van zijn
  studeerkamer zijn: 3m lang, 2,5 m breed en 240 cm hoog.
  Hoeveel vierkante meter oppervlak is dat in het totaal?

    

   trefwoorden: opp samengestelde figuren, oppervlakte figuur








 21 Eenheden van inhoud

  De installateur van de verwarming moet weten hoe groot het
  volume van de woonkamer is. De afmetingen zijn:
  7 meter lang, 5 meter breed en 2,40 meter hoog.
  Hoe groot is het volume van de woonkamer?

      

   trefwoorden: inhoud verschillende vormen,  inhoud balk.








 22 Eenheden van gewicht

  De hond van Maxime is in de groei. Een hond in de groei heeft
  25 gram voeding per kg lichaamsgewicht nodig.
  De hond weegt 10 kg. Hoeveel voeding heeft de hond nodig?

   

   trefwoorden: gewichten, bijzonder gewicht 'ons',








 23 Eenheden van tijd

  Henk gaat met de trein naar Schiphol.
  De reisduur is 1 uur en 44 minuten. Hij vertrekt om 14.05.
  Hoe laat komt Henk aan op Schiphol.

      

   trefwoorden: tijd omrekenen, decimaal getal optellen en aftrekken








 24 Eenheden van snelheid

  Een passagiersvliegtuig heeft tegenwoordig een gemiddelde
  snelheid va 1000 km per uur. Dat is natuurlijk wel
  weersafhankelijk, wind mee! Hoeveel met per seconde is dat?

    
 

   trefwoorden: snelheid omrekenen, omrekenen tabel


 2015  rekenendoen.nl GMH Content Design / INFO kennisbox